Gerard Horvers_HuisHET GERARD HORVERS HUIS

heeft nog plaats voor nieuwe gasten

Het Gerard Horvers Huis is een plek voor ouderen in de gemeente Oisterwijk die nog zelfstandig wonen en het contact met leeftijdsgenoten willen behouden. Ze kunnen er onder het genot van koffie en/of thee een gezellige ochtend of middag doorbrengen en zich gast voelen in een prettige omgeving. Op woensdag bestaat de mogelijkheid een kleine lunch te gebruiken of eventueel aan te schuiven bij de maaltijd in het naastgelegen Inlooppunt.

Voor wie ouder wordt hoeft de wereld niet bij de voordeur te eindigen. Er zijn nog zoveel mensen om te leren kennen, zoveel gedeelde interesses om over te praten. De gasten van het Gerard Horvers Huis staan nog midden in het leven.

In het Gerard Horvers Huis ligt de nadruk op welzijn, eigen kracht en eigen keuze. Het is een plaats waar de wensen van de bezoekers centraal staan, een plaats met enthousiaste en gemotiveerde gastvrouwen, waar altijd ruimte is voor een goed gesprek met gelijkgestemden. Vervoer kan geregeld worden, dus dat hoeft geen beletsel te zijn.

Als het bovenstaande u aanspreekt, kunt u bellen voor nadere informatie of voor het maken van een afspraak voor een persoonlijk gesprek bij u thuis.
Het telefoonnummer is 013-5286441.

Terug naar boven.

Cornelis Verhoeven:

De ouderdom brengt ons niet dichter bij de dood,
maar dieper in het leven.

Terug naar boven.

Een 60+er

Vertelt

overpeinzingMeteen bij het binnenkomen in zijn appartement viel mij de kist op, waarop zijn vroegere adres stond. De kist die alle Indiëgangers hadden. Dat klopt ook, zoals later zal blijken.

De heer Huub de Cort is geboren in 1925 in Oisterwijk. Hij woonde ver buiten het dorp op de Oirschotsedijk. En dat, terwijl hij op de Johannes de Doper lagere school zat in de Kerkstraat. Dat betekende dat hij dagelijks een uur moest lopen vanaf zijn huis. We praten over begin jaren ’30. Lopen ging nog over een zandweg. Met een hele groep wachtten de jongens van ‘buiten’ elkaar op. Als het te lang duurde voordat de andere groep kwam, dan trokken ze een streep over de zandweg en liepen door. Voordat ze op school aankwamen, hadden ze al hele avonturen beleefd. Onderweg werden er wel eens krachten gemeten in een flinke onderlinge knok. De klompen werden wel eens als wapen in de strijd gebruikt. Toch bleef het een hechte groep. De kameraadschap is tot nu toe gebleven. Met plezier kijkt hij terug op zijn schooltijd.

Ook buiten schooltijd was de groep vaak samen. Bijvoorbeeld bij het stiekem rapen van appels uit tuinen. Daarbij werd hij een keer betrapt door de dominee, die woonde op de hoek van de Vennelaan. Terwijl hij aan het rapen was, kwam de dominee de tuin in. Hij zei: “Nu mag je nog één keer je zakken volstoppen met appels en daarna wil ik je nooit meer zien.” Van schrik pakte hij er maar twee. Hij heeft nooit meer appels gepikt!

Op zijn 13e jaar mocht hij boerenknecht worden op de boerderij De Hondsberg. Heerlijk buiten werken. Tot op de dag dat zijn oom hem adviseerde op de leerlooierij te gaan werken, omdat hij daar meer kon verdienen. Oom regelde dat met zijn vader; hij kon gaan. In 1945 startte hij in het nathuis van de leerlooierij. Alle afdelingen in het looiproces ging hij langs.

In 1946 kwam de dienstplicht; in legerplaats Oirschot werd hij opgeleid om naar Nederlands Indië uitgezonden te worden. Dat gebeurde in 1947. Nog nooit had hij in een trein gezeten, maar toen vertrokken ze met honderden soldaten met de trein uit Eindhoven naar de haven van Rotterdam. Een supergrote boot, De Kota Baru, bracht hen via Port Saïd naar Nederlands Indië. Dat was ruim een maand varen. Onderweg, na het Suez-kanaal, zaten ze op de oceaan en zagen alleen maar water, water en nog eens water. Grote vissen zwommen soms langs de boot om het eten op te vangen dat overboord werd gegooid.

Ze kwamen aan in Zuid-Sumatra. Daar bleven ze eerst drie maanden om te acclimatiseren. De temperatuur in Indië lag vaak boven de 30* C. Daar moet je vanuit Nederland aan wennen. Na die periode gingen ze de bush in om te vechten. Dat was een harde strijd. Toen al, maar zeker achteraf, wist iedereen dat het eigenlijk een heel foute oorlog was. Nederlanders moesten de vrijheidsstrijd van de mensen in Indië onderdrukken. Van huis had hij een piepkleine foto van zijn overleden moeder mee genomen. Steeds als ze op patrouille gingen, nam hij dat fotootje mee in zijn verband zak. Zijn maten wisten dat ook. Ze vroegen vaak bij vertrek: “Huub, gaat jullie ma mee?”. Als Huub “ja” zei, vertrokken ze. Moeder heeft hem veilig terug gebracht.

In totaal zijn er in die oorlog 6000 Nederlanders omgekomen. Dat was vaak heel ingrijpend, juist vanwege de hechte kameraadschap die er bestond. Nog steeds zijn er, tot dit jaar, reünies gehouden in Oirschot. De oude verhalen komen dan nog steeds naar boven.

Al vóór het vertrek naar Indië had de heer De Cort een vriendin. Na de oorlog is hij met haar getrouwd. Daarna heeft hij nog twee jaren gewerkt op de leerlooierij in Oisterwijk. Toen  vond hij een baan als zolenstanzer bij Avang. Hij klom op tot afdelingschef. Later moest hij vaak naar het buitenland om leer in te kopen: in Nederland was een periode na 1963 geen leer meer te koop. Hij heeft meer dan 25 jaren bij Avang gewerkt; het gouden horloge, dat hij bij zijn jubileum kreeg, heeft hij nog.

In het begin van hun huwelijk hebben ze een jaar ingewoond bij een zus van mevrouw. In de tussentijd heeft hij zelf, met enige hulp, een huis gebouwd in Moergestel. Daar hebben ze vele jaren gewoond. Toen beiden wat slechter ter been waren, verhuisden ze naar De Hofakker. Daar kreeg mevrouw in 2006 een hersenbloeding. Een verhuizing naar De Vloet in Oisterwijk was onafwendbaar; in Moergestel was toen nog geen verpleegafdeling. Daar hebben beiden nog gewoond tot 2012. In dat jaar overleed mevrouw. Een huwelijk van bijna 61 jaren was ten einde. De heer De Cort wordt gelukkig nog omringd door hun vijf kinderen.

Ankie Wessels Beljaars

Terug naar boven.

Alzheimercafé dinsdag 15 juli

alzheimer caféThema: Hoe ga je als kind om met een ouder met dementie?

Gast: Dochter van een moeder met dementie

Voor deze avond hebben we een speciale gast uitgenodigd. De dochter van een moeder met dementie, een mantelzorger zoals dat officieel heet. Zij deelt haar ervaringen met de mensen die dinsdag 15 juli aanwezig zijn.
Wat je overkomt als kind als je van de diagnose dementie hoort. De verbazing, bevestiging, teleurstelling. Hoe je door het woud van hulpverlening zicht krijgt op de ziekte, welke zorg en begeleiding er mogelijk is. En wat er voor jou als kind veranderd in de omgang tot je ouder met dementie.

Het Alzheimer Café is een ontmoetingsplaats voor mensen met dementie, jong en oud, voor familieleden,vrienden, hulp en dienstverleners en andere belangstellenden.

Lotgenoten kunnen heel veel voor elkaar betekenen, zij herkennen hetgeen de ander

meemaakt, en wat dit voor hem of haar betekent.

De ondersteuning die mensen elkaar op zo'n avond geven is van zeer grote waarde, en ze gaan dan ook met een voldaan gevoel naar huis.

Onze medewerkers staan gedurende de avond voor iedereen klaar, en mocht u vragen hebben, stel ze gerust.

Graag heten we u allen van harte welkom!

Tijd: Inloop vanaf 19.30 uur

Programma van 20.00 – 22.00 uur

Locatie De Coppele, Prunusstraat 69 Oisterwijk

Vooraf aanmelden is niet nodig

Voor meer informatie: Jeanne Verberk tel 013-5284571

Terug naar boven.