Zorg voor de mantelzorger
Als het getij verloopt.......
Dagje ouder.....
 Colofon Seniorenpagina

ZORG VOOR DE MANTELZORGER!
De afgelopen week vond ik zowel een roerige als een beroerde, maar ook een ontroerende week. Roerig, omdat er veel gedoe in het nieuws was: ik denk daarbij aan de gebeurtenissen in Zaanstad en de aandacht daarvoor in de media.

Beroerd was het ook: het tragische bombardement van hulpkonvooien van de VN bij Aleppo. Ontroerend vond ik vooral de aandacht voor patiënten met dementie in de nationale Alzheimerweek. Het meest is me de documentairefilm “Wat ik nog ben” bijgebleven, die uitgezonden werd op dinsdagavond op NPO2. En op plaatselijk niveau onder andere de theatervoorstelling “De dementie van Jet en Harrie”, gespeeld door Ervarea op donderdagavond in Tiliander.  

Geroerd werd ik ook door het indrukwekkende pleidooi van Nasrdin Dchar in DWDD van woensdag. Hij pleitte voor een toekomst van Nederland voor “IEDER1” en kondigde onder die noemer een diversiteitsmars aan van De Bijlmer naar het Museumplein op zondag 25 september.

De toon van deze oproep stond in schril contrast met hoe in de Tweede Kamer die dag sommige politici elkaar de mantel uitveegden. Hun manier van communiceren maakt dat diversiteit niet wordt gezien als een kracht van onze samenleving, maar leidt volgens mij eerder tot verdeeldheid. Ik zie hierin eerder een versterking van de “ontmanteling” van onze maatschappij dan een bijdrage aan en ondersteuning van de “mantelzorg”.
In de eerste troonrede van koning Willem Alexander werd gepleit voor het realiseren van een “participatiemaatschappij”. Als ik naar de samenleving kijk op het niveau van de gemeente Oisterwijk, dan zie ik, dat we niet zozeer toegroeien naar een participatiemaatschappij, maar dat we die hier allang hebben: ik meet dat af aan het grote aantal vrijwilligers dat hier actief is. Natuurlijk kan het altijd nog beter.
Als we zorg hebben voor elkaar, dan is het overigens nog niet altijd eenvoudig om daadwerkelijk te zorgen voor elkaar. We hebben vaak te maken met ‘vraagverlegenheid’: iemand die zorg nodig heeft, durft daar niet altijd om te vragen. De mantelzorger vindt vaak dat hij of zij niet moet klagen en pleegt soms roofbouw op zichzelf. “Ik red me wel” is vaak het antwoord op een hulpaanbod.
Toch ben ik ervan overtuigd dat ieder van ons de druk op de mantelzorgers kan verlichten. Dat weet ik zeker door wat ik daarover onlangs gelezen heb op de site www.dementie.nl

Daar vind je antwoorden en suggesties op de vraag “Hoe kan ik iemand helpen bij het zorgen?” Onder deze vraag worden op de site drie antwoorden uitgewerkt: mantelzorg

• Bezoeken van iemand met dementie

• Praktische taken overnemen van iemand die zorg geeft

• Hulp bieden aan iemand die zorg geeft.

Elk van deze antwoorden wordt verhelderd met extra informatie en praktische suggesties.
Als u zich ook afvraagt: “Hoe kan ik helpen en hoe kan ik de kans vergroten dat mijn hulp en zorg aanvaard wordt?” dan beveel ik u van harte aan om de informatie en suggesties te lezen op deze site en ze met anderen te delen door ze uit te printen of door te sturen.

De Dag van de Mantelzorg in 2016 (10 november) heeft terecht als thema: “Mantelzorg doe je samen”.
Jos Fianen
Terug naar boven 

Als het getij verloopt…
We zij al vroeg op het strand, die vrijdag in augustus, mijn oudste kleinzoon Jasper en ik.
Woensdag hebben we met zijn tienen zijn tiende verjaardag gevierd tijdens een familiepicknick in de bossen vlak bij de pannenkoekenboerderij Meyendel.
Tijdens die hete zomerdag hadden we daar verkoeling gezocht tussen de bomen.
Het is half negen; op dit vroege uur zijn er nog maar weinig mensen op het strand. Zo nu en dan passeert ons een hond, in dubbele zin uitgelaten, gevolgd door zijn baasje of bazin.
We zijn op tijd: samen met mijn hybride kleinkind (hij is half Japans en half Nederlands) kijk ik naar de opkomende vloed; over anderhalf uur is het hoog water. 

Als het getij verloopt...

Als een ras-optimist denkt Jasper de vloed te kunnen keren: hij holt meteen met zijn schep in de richting van de vloedlijn om een dam op te werpen tegen het opkomend tij. Ik vrees dat ook zíjn overmoed zal moeten eindigen in een capitulatie voor Poseidon, de god van de zee… (Het woord ‘hybride’ is afgeleid van het Griekse woord ‘hybris’, dat ‘overmoed’ betekent, de fatale eigenschap van helden in een Griekse tragedie.)
Voorlopig is hij echter naarstig bezig met het bouwen van zijn fort op een tiental meters van de vloedlijn. Hij roept naar me: of ik hem wil helpen? Maar ik heb geen schep, dus begin ik te graven met mijn twee handen.
Helaas: de ouderdom komt met gebreken, ook bij opa Jos. Een beginnende artrose speelt bij me op: de gewrichten van de vingers van mijn linkerhand zijn de laatste tijd wat dikker en gevoeliger geworden.
Niks onrustbarends overigens: wat betreft mijn gezondheid mag ik allebei mijn handen dichtknijpen. Dat wil zeggen… de linkerhand niet helemaal.
Ik stop met graven; Jasper gaat fanatiek door.
Als ik terugloop naar mijn handdoek op het strand, zie ik twee oudere dames in badpak (ik schat ze zo ongeveer 75 jaar oud) over het duinpad lopen in mijn richting. Zij vragen mij of ik op hun tas met kleren en hun handdoeken wil passen, want ze willen gaan zwemmen in zee. Terwijl ik kijk hoe de twee dames zich tot hun middel in de opkomende vloed wagen, zie ik hoe de eerste golfjes een aanval doen op het fort van mijn kleinzoon.
Enige tijd later zie ik hoe de ene dame de andere overeind helpt na het zwemmen, bij het teruglopen uit de golven. Ze komen naar de plek waar ik zit om hun spullen op te halen, die ze bij mij hebben achtergelaten en om een praatje te maken. De oude dame die geholpen werd, zegt tegen mij dat ze elke morgen om deze tijd samen in zee gaan zwemmen. Ze vertelt ook, dat ze sinds acht jaar twee kunstkniegewrichten heeft en dat ze in het water geholpen moet worden door haar vriendin bij het opstaan, omdat ze dan haar benen maar met moeite neer kan drukken in het water (de kunststof van haar knieën is licht en zorgt daardoor voor een opwaartse druk).
“Maar”, zegt ze tot slot “ik loop als een kievit!”
“Och”, antwoord ik “Na zo’n operatie moet u dat maar voor lief nemen”. Ze begrijpt mijn kwinkslag gelukkig, want ze reageert met een lach.
Even later zie ik haar met haar vriendin opgewekt keuvelend over het duin verdwijnen.
Jos Fianen    Terug naar boven   

 

Else logoDagje ouder?
Ik word, ben een dagje ouder. Deze week stond ik voor de spiegel en zei voor het eerst “ik ben zeventig”. Binnenshuis en voor de spiegel valt het nog best mee. En ook in het geruststellende gezelschap van generatiegenoten wil ik het nog wel eens vergeten - zij ook - dat ik allang niet meer van de jongsten ben.

Hoe vaak hoor ik niet “ik voel me helemaal niet oud, van binnen voel ik me nog 18.”
En dat is natuurlijk ook zo van binnen zijn we nog 18 - 28 - 38 - 48 of 58.
Al die vroegere leeftijden worden door het ouder worden niet uitgewist maar zijn van binnen vastgelegd zoals de boomringen van een boom.
Het is niet zo dat je als je ouder wordt afscheid neemt van je interesses, passie en gezond verstand...we blijven ons leven lang onszelf. Sommige zaken vallen af ( je tennist niet meer alsof je Wimbledon wilt halen) en hoeft ook niet meer een carrière op te bouwen, maar je blijft je ontwikkelen en vindt manieren om nieuwe vaardigheden aan te leren en relaties dagje ouderaan te knopen.
Wat we niet kunnen voorkomen is dat in de loop der jaren de ledematen aan slijtage onderhevig zijn en allerhande kwaaltjes kunnen opduiken. Veel van mijn sekse- en leeftijdgenoten geven toe dat ze ook een harde dobber hebben aan de teloorgang van het jeugdige uiterlijk. Mannen gaan daar minder onder gebukt lijkt het wel.
Natuurlijk bestaan er vrouwen die het niets of weinig kan schelen hoe ze er uit zien nu ze ouder worden. Ze hebben wel wat anders te doen.
Ik denk aan Angela Merkel. Als je er wel last van hebt zijn er allerlei kunstgrepen mogelijk om je er wat jonger, stralender uit te laten zien. Afgezien van de nodige kosten die daar aan verbonden zijn, blijken ook de resultaten niet altijd zo veel beter dan het origineel was. Dus als je daar geen zin in hebt zul je gewoon meer tijd moeten uittrekken om je “basiskop” met (vooral steeds duurdere) middelen te verzorgen, en als je naar een feestje moet gooi je er gewoon een schepje bovenop. Hoe ouder, hoe handiger. Nu gaat het nog net.
En waar wij vrouwen ook steeds meer op kunnen rekenen is dat de mannen in je omgeving niet meer  zeggen “wat zie je er mooi”, maar “wat zie je er (nog) goed uit” Soms voegen ze daar nog aan toe “voor je leeftijd!”;om vervolgens dan weer óver je hoofd naar het jongere, interessantere volkje te kijken, dat passeert.
En wat me nu op mijn zeventigste nog het meest hindert aan die nieuwe generatie, afgezien van hun jeugd, is hun lengte! Ik voel me tegenwoordig omgeven door reuzen en daar helpt geen enkele wat hoge hak aan (als ik daar nog mee zou kunnen lopen!).
Else van Helmond 
Terug naar boven  

Colofon Seniorenpagina